# Opdrachtregel: een hulpmiddel een geschreven opdracht geven [Begrippen uitgelegd](LEESMIJ.md) Een **opdrachtregelinterface**, of **CLI**, laat je een hulpmiddel besturen door een opdracht te typen. Een **terminal** is een venster voor dat tekstgesprek. Een **shell**, zoals PowerShell, leest de opdracht en start het gevraagde hulpmiddel. Deze termen beschrijven verschillende onderdelen. Pliro's CLI is het hulpmiddel dat je aanroept; PowerShell is niet de Pliro-taal. ## Twee soorten opdrachten In een terminal waarin Pliro geïnstalleerd en beschikbaar is, kun je dit gebruiken: ```shell pliro version ``` Een bronbestand in de huidige map controleer je zo: ```shell pliro check hallo.pliro ``` De tweede opdracht veronderstelt dat `hallo.pliro` bestaat. Gebruik de echte bestandsnaam van jouw programma. Dit zijn shellopdrachten: plak ze dus niet in een `.pliro`-bronbestand. In een Pliro-bronbestand kan juist `zeg "Hallo"` staan. Een **REPL** laat je taalopdrachten één voor één uitproberen; de [REPL-gids](../gidsen/opdrachten-uitproberen.md) legt de eigen bedieningsopdrachten uit. ## Lees voordat je Enter indrukt De **werkmap** is de map waarvandaan een opdracht op dat moment relatieve paden opzoekt. Controleer die map wanneer een hulpmiddel een bestand niet kan vinden. Voer alleen opdrachten uit die je begrijpt. Shellopdrachten kunnen gevolgen buiten je Pliro-project hebben. Begin met onschuldige opdrachten, zoals de versie tonen of je eigen broncode controleren. [Bestandspaden](bestandspaden.md) · [Ontwikkelomgeving](ontwikkelomgeving.md)